Nieuwsbericht

Canadees parkeren

28 april 2022 | 3 minuten lezen

Het Canadees parkeren, oftewel het met twee wielen op het trottoir parkeren is in veel steden een probleem. Zowel voetgangers als hulpdiensten hebben vaak problemen met deze vorm van foutparkeren. In Haarlem is door de rechtbank uitspraak gedaan over de status hiervan. Mag dit nu wel of niet?

Haarlem stelt net als veel andere gemeenten als eis aan het verkrijgen van een omgevingsvergunning dat parkeren voor de nieuwe ontwikkeling zoveel mogelijk op eigen terrein moet worden gezocht. Lukt dat niet dan kan in het uiterste geval vrijstelling worden gegeven om in de openbare ruimte te parkeren. Vaak is er dan wel onderzoek nodig om vast te stellen of met de nieuwe ontwikkeling een grens (meestal 85 procent) wordt overschreden. In de stad is die ruimte echter beperkt. Zeker in een compacte stad als Haarlem is het vaak woekeren met ruimte. In grote delen van de stad zijn de straten zo smal dat er nauwelijks ruimte is voor parkeren. Daar komt bij dat het autobezit in Haarlem hoog is: gemiddeld 0,9 auto’s per adres, in sommige wijken zelf 1,0.(voetnoot 1) Gevolg is dat auto’s vaak aan weerszijden met twee wielen op het trottoir worden geparkeerd, het zogenaamde ‘Canadees parkeren’.

Parkeeronderzoek
Gemeente Haarlem voert zelf periodiek parkeeronderzoek uit dat volgens een vast vooraf vastgesteld protocol wordt uitgevoerd. Voor het bepalen van de parkeercapaciteit wordt uitgegaan van wetgeving en aanbevelingen van CROW. In smalle straten kan het dan voorkomen dat er maar ruimte is voor eenzijdig parkeren, terwijl in de praktijk aan weerszijden wordt geparkeerd. Het gevolg is een parkeerdruk van 150 – 200 procent. Als je dan in die straat een omgevingsvergunning wil aanvragen voor bijvoorbeeld het splitsen van een woning ben je dus volkomen kansloos. Als er in een straal van 500 meter geen parkeercapaciteit op eigen terrein beschikbaar is, kun je er in het uiterste geval nog voor kiezen de  parkeervraag af te kopen.

Maar zover wilde een bewoner van de gemeente Haarlem het niet laten komen. Hij schakelde een eigen bureau in dat de parkeerdruk in de buurt ging meten, met als uitkomst een uitkomst beneden 85 procent. Niettemin werd de aanvraag afgewezen, uit het eigen onderzoek kwam namelijk een veel hoger percentage. De bewoner nam hier geen genoegen mee en stapte naar de rechter. Deze kreeg twee rapporten voor zich die elkaar nogal tegenspraken. Het aantal getelde voertuigen lag nog wel bij elkaar in de buurt, maar de capaciteit niet. En dus kreeg de gemeente huiswerk eerst maar eens duidelijkheid te geven over waar dit verschil nu uit voortkwam.

Dat werd al snel duidelijk. Het telbureau had alle plekken waar voertuigen geparkeerd stonden meegeteld als capaciteit. Daarmee werden grote delen van het trottoir meegeteld, en ook inritten en ingangen van garageboxen. Nu was het aan de rechter om te beoordelen hiermee om te gaan. Bij de zitting kwam twee opvallende aspecten naar voren. Enerzijds een afweging van belangen van de parkeerder ten opzichte van die van voetgangers en andere gebruikers van het voetpad, ondanks het feit dat RVV90 duidelijk aangeeft dat Canadees parkeren niet mag (artikel 10 lid 1). Anderzijds speelde de vraag in hoeverre Canadees parkeren in de gemeente werd gedoogd een rol. Bij gedogen vindt er geen handhaving plaats, wat impliciet betekent dat er dus rechten kunnen worden ontleend aan deze situatie. Het gevolg zou dan kunnen zijn dat deze plekken wel moeten worden meegeteld.

De uitspraak
Van gedogen is echter geen sprake: bij excessen en klachten wordt wel degelijk opgetreden. De capaciteit van handhaving schiet echter tekort, waardoor niet kan worden opgetreden tegen alle situaties. In de uitspraak werd hier ook aandacht aan gegeven. De rechtbank is van mening dat de gemeente zich in alle redelijkheid op het standpunt heeft kunnen stellen dat uitgegaan moet worden van de legale situatie en is het met de gemeente eens dat uitgegaan moet worden van legaal beschikbare parkeerplaatsen.

Met deze uitspraak komt er hopelijk een eind aan de voortdurende onduidelijkheid over het meten van dit aspect van parkeercapaciteit. Er worden veel van dit soort metingen verricht, die ‘in het belang van de klant’ uitkomsten presenteren die gunstig zijn voor de klant, maar uiteindelijk vaak stuiten op een afwijzing. Daarmee blijkt zo’n onderzoek al snel penny wise, pound foolish. Het zou overigens makkelijker zijn als de gemeente zelf onderzoeksdata ter beschikking stelt voor dergelijke aanvragen. Met een druk op de knop kan inzicht worden gegeven in de parkeersituatie rond de locatie van de ontwikkeling, waarmee al op voorhand een soort preadvies kan worden gegeven over de mogelijkheden van parkeren. Dit bespaart tijd en geld bij zowel burger als overheid. Verder is de uitspraak ook een steuntje in de rug voor beleidsmakers die al jaren worstelen met het probleem van overvolle straten en de weg naar regulering willen inzetten. Het belang van de parkeerder gaat in dit geval niet boven dat van de voetganger en dat is voor de leefbaarheid in stedelijke wijken goed nieuws.

Voetnoot 1 Gemeente Haarlem 2018 Analyse naar autobezit in Haarlem 2018

 

[Dit artikel verscheen eerder in Vexpansie 2022-1. | Tekst: Jacob de Vries, redactie Vexpansie, werkzaam bij Trajan)

3 mei 2022

Het is wat kort door de bocht dat canadees parkeren obv de RVV niet is toegestaan. Dit kan namelijk wel als er een RVV bord E08B hangt.

3 mei 2022

Zie de Uvs BABW, hoofdst. II, par. 1, lid 5: “Borden uit hoofdstuk E, van bijlage 1 van het RVV 1990, die een parkeergelegenheid aangeven, worden, indien zij, al dan niet door middel van de toepassing van onderborden, zijn voorzien van aanduidingen dat gedeeltelijk op het trottoir of het voetpad parkeren is toegestaan, slechts toegepast, indien door met belijning gemarkeerde parkeervakken is aangegeven hoe het parkeren dient plaats te vinden.”

NieuwsAgendaDocumentenOver het kennisnetwerk